DOING BUSINESS IN THE EU


Doing business in the EU

Tanka & Schaduwspoor

De zomer verwaait tot herfst. Een paar keer per week fiets ik van Houten naar Zeist en vice versa. Zodra ik Houten uit rijd, sta ik oog in oog met een waarschuwing: zeven wegversmallingen onderweg! Hoe smal die weg dan wel moet zijn laat zich raden. Een Zuid-Afrikaans beespaadjie is er niets bij. Ik rijd door het oude landschap langs een boerderij die ’t Vagevuur heet, ik laat een Romeinse grenspaal links liggen en zie een veld vol zonnebloemen. Vreemd, ze draaien niet met de zon mee, maar blijven dag en nacht met hun kopjes naar het oosten staan. Vlak voor ik de bocht om ga, zie ik aan de verre horizon nog even de Domtoren staan. Een groet en dan is ook dat ‘achtste wereldwonder’ uit het zicht.

Als ik door Odijk rijd en het witte kerkje bewonder, zie ik erachter een vreemde grafsteen, van ene Maria en haar vader. Maar waar is de moeder? Een kenner die onverwachts opduikt noemt de voor- en achternamen en licht toe dat de vader na de dood van zijn dochter uit wanhoop zelfmoord pleegde. Over de moeder geen woord. Een tragedie tekent zich af.

Als ik in Het Wapen van Odijk even koffie drink om onderweg niet te bezwijken, valt mijn oog op het uithangbord. Daar staat de verdwenen oude katholieke kerk! In vol ornaat, in paars gewaad, deelt Sint Nicolaas zijn milde ronde gouden gaven uit. Aan drie naakte jongemannen in een badtobbe. Het verhaal gaat dat hij ze na hun gruwelijke moord tot leven zou hebben gewekt.

Hallucineer ik nu ook als ik even verderop in een villaraam geen vaas vol bloemen zie staan, maar een vaas vol met (neus)hoornen? Ik knijp mijn ogen even dicht, want wie zal zeggen of het recente jachttrofeeën zijn of voorwerpen uit onze koloniale erfenis?

Buiten Odijk ga ik de spiegelende Kromme Rijn over. Er ligt een jaagpad naast, het ziet er zo aanlokkelijk uit dat ik meteen mijn reis wil onderbreken. Maar tussen droom en daad staat allereerst mijn fiets. Dat nog smallere jaagpaadje mag slechts bewandeld worden. Uitstel dus. Maar wie gaat er een keer mee dat paadje langs het water op en af?

Op de terugweg zie ik een tegeltableau op een zijgevel staan, het is een ploegende boer, maar wat erbij staat kan mijn oog noch mijn lens lezen. Op een dag ontwaar ik mensen in de boerderij en bel ik aan, ook al ben ik doorweekt van de regen en moet ik er uit zien als een verdronken vogelverschrikker. Of ik een foto mag nemen van dat moois? Als ik met toestemming buiten sta, krijg ik het nog niet scherp. Dan klim ik het tuinhek over. Hebbes! Ik lees: “De Bouwman wacht uit ’s Heeren hand / Een milde zegen op zijn land.”

via Beek, Pieta van 2 | Tanka & Schaduwspoor.

Andre Beukes LLM

Andre Beukes LLM

I am an International human resources consultant to multinational companies in international employment law and employee relations.

Leave a Comment